Hoe werkt box 3?
In box 3 betaal je geen belasting over je echte rendement, maar over een fictief rendement. De Belastingdienst gaat ervan uit dat banktegoeden 1,28% opleveren, beleggingen en andere bezittingen 6% en dat schulden 2,7% kosten. Over schulden geldt eerst een drempel van € 3.800 per persoon. Daarna telt het heffingsvrij vermogen: € 59.357 per persoon, € 118.714 met een fiscale partner. Alleen het deel van je vermogen daarboven wordt belast, tegen 36%.
Rekenvoorbeeld
Heb je € 150.000 spaargeld en geen fiscale partner, dan is het fictieve rendement € 1.920. Je vermogen boven het heffingsvrij vermogen is € 90.643, dat is 60,42% van je vermogen. Je box 3-inkomen is dan 60,42% van € 1.920 = € 1.160, en de belasting 36% daarvan: € 417.
Was je echte rendement lager?
Dan hoef je niet over het fictieve rendement te betalen. Met de tegenbewijsregeling geef je je werkelijke rendement door: rente, dividend, huur en waardeveranderingen van al je bezittingen en schulden samen, ook verliezen. Is dat lager, dan rekent de Belastingdienst daarmee. Met alleen spaargeld is de kans op voordeel klein, omdat het fictieve spaarrendement al dicht bij de echte spaarrente ligt.
Box 3 in 2027 en later
In het Belastingplan 2027 staat geen maatregel voor box 3. Het kabinet wil het heffingsvrij vermogen in 2027 wel bijna halveren en het fictieve rendement op beleggingen verhogen; een motie om daarvan af te zien haalde in de Tweede Kamer geen meerderheid. Zolang er niets is besloten, rekent deze rekenaar voor 2027 voorlopig met de bedragen van 2026. Vanaf 2028 wil het kabinet belasting heffen over het werkelijke rendement.
Ook handig: zie met de spaargroei-calculator hoe je vermogen groeit, of bereken de schenkbelasting als je een deel aan je kinderen geeft.
Box 3-belasting per spaarbedrag 2026
Hoeveel box 3-belasting betaal je over alleen spaargeld, zonder schulden en beleggingen?
| Spaargeld op 1 januari | Belasting alleenstaand | Belasting met fiscale partner |
|---|---|---|
| € 25.000 | € 0 | € 0 |
| € 50.000 | € 0 | € 0 |
| € 75.000 | € 72 | € 0 |
| € 100.000 | € 187 | € 0 |
| € 150.000 | € 417 | € 144 |
| € 200.000 | € 648 | € 374 |
| € 300.000 | € 1.108 | € 834 |
| € 500.000 | € 2.030 | € 1.756 |
Bronnen
- Belastingdienst — Hoe is het box 3-inkomen op mijn voorlopige aanslag 2026 berekend?
- Belastingdienst — Heffingsvrij vermogen
- Belastingdienst — Wat is mijn werkelijk rendement?
- Tweede Kamer — Motie Flach c.s. over het heffingsvrij vermogen 2027 (37020-IX-29)
- Rijksoverheid — Plannen voor heffing op werkelijk rendement in box 3
Over deze pagina
Zo controleren we: elk bedrag komt uit een officiële bron, elke berekening heeft automatische tests met voorbeeldgevallen, en we lopen de bedragen opnieuw na als ze veranderen, in elk geval rond 1 januari en 1 juli. Lees hoe we werken.
Laatst bijgewerkt op .
Wijzigingen op deze pagina (2)
- : De vragen zeggen nu dat de bedragen en percentages voor 2027 nog niet bekend zijn.
- : Nieuwe rekenaar: belasting in box 3 met het forfaitaire rendement, het heffingsvrije vermogen en een fiscale partner; 2027 is nog voorlopig.
Veelgestelde vragen
Hoeveel spaargeld mag je belastingvrij hebben in 2026?
Het heffingsvrij vermogen is € 59.357 per persoon, € 118.714 met een fiscale partner. Over vermogen tot dat bedrag betaal je geen box 3-belasting. Daarboven betaal je over een fictief rendement, niet over het hele bedrag.
Welke datum telt voor box 3?
De peildatum is 1 januari. Je vult je bezittingen en schulden in zoals ze op 1 januari van het belastingjaar waren. Wat er daarna in het jaar gebeurt, telt voor dat jaar niet mee.
Telt mijn eigen woning mee in box 3?
Nee. De woning waarin je zelf woont valt in box 1, net als de hypotheek daarvoor. Een tweede woning, vakantiehuis of verhuurde woning valt wel in box 3, als overige bezitting.
Zijn de percentages voor 2026 definitief?
Het percentage voor beleggingen en andere bezittingen (6%) staat vooraf vast. De percentages voor banktegoeden en schulden zijn voorlopig: de Belastingdienst stelt ze begin 2027 definitief vast op basis van de werkelijke spaar- en hypotheekrente.
Ik heb weinig rendement gehaald. Moet ik dan toch betalen?
Je betaalt eerst over het fictieve rendement. Was je werkelijke rendement lager, dan kun je dat doorgeven met de tegenbewijsregeling; dan betaal je over het lagere werkelijke rendement.